Flevoboys

Plezier | Prestatie

Zuidvogels – Flevo Boys

zaterdag 27 mei 17:00 uur
Sportpark HSV De Zuidvogels

Pak ‘m af!

‘Pak ‘m af!’ Langs de lijn bij de velden 7A, B en C is dat de meest gehoorde zin van zaterdag 27 augustus 2016. De eerste echte voetbal-zaterdag van het seizoen 16-17. Maar wat moeten ze afpakken en hoe dan?

Je zult maar beginnend coach zijn van een team JO9, voorheen de F-jes. Je hebt je ballen, waterzak, sleutels gehaald van de kleedkamers en de namen van de spelers nog een keer geoefend. Daar komen ze: de ouders met hun spelers. De één nog enthousiaster dan de ander. Na twintig minuten heeft iedereen zijn tenue aan, geplast en de veters goed gestrikt. Op naar het veld, de wedstrijd gaat beginnen.

Toeschouwers

Het enthousiaste publiek roept de spelers vooruit. Ook de ouders van de tegenstanders roepen van alles: pak ‘m af, pak ‘m aan, ga er op af, naar voren, vrij staan, enzovoort. De spelers rennen heerlijk met z’n allen achter de bal aan van de ene kant van het veld naar de andere kant. Als een kluwen gaan ze het veld over. De nieuwe coach denkt: “Wat maakt het uit. Het is hun eerste wedstrijd in voetbaltenue van Flevo Boys. Dat is wat deze jongens en meisjes wilden.”

Coachen doet de coach

Maar ja, de coördinator van de pupillen had nog zo gezegd dat we niet mochten schreeuwen, dat alleen de coach mocht coachen. Maar hoe moet die coach dat nu doen? Hoe krijgt hij dit onder controle? Ook de ouders hebben hier naar uitgekeken. Hebben opa en oma meegenomen en zien hun kind hopelijk voor het eerst scoren.

Coördinator aan het woord

Neem van mij aan: dat heeft tijd nodig. De ene coach is de andere niet. Sommigen hebben ervaring of zijn voor hun beroep instructeur of docent. Dat is heel iets anders dan vrachtwagenchauffeur of ondernemer. Centraal bij het coachen van pupillen staat:

Laat de spelers beseffen dat jij er voor ze bent daar langs de lijn, ook al horen ze je soms niet. Leer ze zelf te kiezen. Daar gaat het bij het voetballen juist om.

Zo is het ook bij het coachen: het is een leerproces. De coach kiest daarbij zelf zijn of haar weg met de handvatten die de vereniging en bijvoorbeeld de KNVB aanreikt. Hier onderaan staan er een paar op een rij.

Pluimen

Ik ben blij met al onze ervaren en onervaren coaches, die op zaterdag met onze spelers de wedstrijd verzorgen. Deze zomer heb ik heel wat columns in kranten en op sociale media voorbij zien komen over ouders, die niets voor een vereniging willen doen of alleen de handen uit de mouwen steken als hun kind in een selectieteam speelt. Vandaag heb ik het over die 40 coaches die namens Flevo Boys stonden te zwoegen in de hitte om het beste uit hun team te halen. Een extra dikke pluim voor de nieuwe coaches met hun jonge spelers, onervaren publiek en een 0-15 aan de broek.

Mijn advies voor volgende week: Pak ‘m af, zoek je eigen weg en voor vragen sta ik samen met mijn collega’s langs de lijn.

Door Pauline Lodewegens, coördinator JO9 en JO11

 

Tips voor het coachen van pupillen (KNVB)

Aanvallen

  1. ‘Loop elkaar niet in de weg.’ Of ‘Uit elkaar.’ Speelruimte zo lang en breed mogelijk maken;
  2. ‘Zijlijn.’ Breedtespel dient als voorbereiding voor dieptespel of pass;
  3. ‘Kijk naar het andere doel.’ Of ‘Naar voren.’ Diep denken en zo mogelijk diep spelen;
  4. Zeg in plaats van ‘Trap de bal met je wreef’, ‘Trap de bal met de bovenkant van je schoen’;
  5. Zeg in plaats van ‘Kies positie’, ‘Loop je vrij, dan kun jij de bal krijgen’.

Verdedigen

  1. ‘Klein maken.’ Of ‘Dicht bij elkaar.’ Speelruimte zo kort en smal mogelijk maken;
  2. ‘Naar de bal toe.’ ‘Dichter bij je tegenstander.’ Pressen op de tegenstander met de bal;
  3. ‘Doe mee.’ Zo lang mogelijk nuttig blijven.
  4. Zeg niet: ‘Diep, breed of inzakken.’
  5. Vergelijk niet. ‘Die bal is voor jou! Jij bent sneller dan hij, tuurlijk!’ Dat is weinig sportief en komt de sfeer rond het veld niet ten goede. Zeg alleen: ‘Pak die bal.’

Wat is coachen tijdens de wedstrijd?

  • Horen, zien en zwijgen. Hoe moeilijk ook met een brullende coach naast je, het is beter niet te veel te roepen. Observeer, analyseer, concentreer je op de voetbalhandelingen;
  • Laat spelers zelf beslissen. Nadrukkelijk, veelvuldig voorzeggen kan op korte termijn leiden tot meer gewonnen wedstrijden. Spelers beleven er ook minder plezier aan, want ze willen zelf leren keuzes maken. Op lange termijn leren ze het spel minder goed spelen;
  • Let op gewenst gedrag. Zie gewenst gedrag op het veld (sportief gedrag, goede voetbalacties) niet als iets vanzelfsprekends. Bevorder het en complimenteer het, dat maakt dat ze het vaker gaan vertonen. Negeer zoveel mogelijk de minder goede acties. Natuurlijk springen die in het oog – ze storen je en je wilt die verbeteren. Maar spelers mogen fouten maken. Ze leren er juist het meest van als ze die zelf ervaren. Schreeuw niet, wrijf het ze niet in, maar onthoud wat je zag en bewaar het als aandachtspunt voor later. ‘Geeft niks! Goed geprobeerd.’

Door Pim Meijer - 31 augustus 2016